Olie-industrie wist al vijftig jaar dat ze klimaatverandering veroorzaakt

Al in de jaren zestig kreeg de olie-industrie te horen dat de uitstoot van CO2 uit fossiele brandstoffen zou leiden tot "wereldwijde milieuproblemen", inclusief smeltende ijskappen en klimaatverandering. Dat blijkt uit een oud wetenschappelijk rapport, dat nu aan het licht is gekomen.

http://www.duurzaamnieuws.nl/olie-industrie-wist-al-vijftig-jaar-geleden-dat-ze-klimaatverandering-veroorzaakt

Vorig jaar bleek al uit andere documenten dat de belangrijkste Amerikaanse en Europese oliebedrijven minstens sinds 1981 op de hoogte waren van het klimaatprobleem, maar er de daaropvolgende decennia alles aan deden om die kennis weg te stoppen en zelfs publiekelijk tegen te spreken.

Nu blijkt uit nieuwe documenten dat de industrie zelfs nog veel eerder op de hoogte was van het probleem. In 1968 al waarschuwden wetenschappers van het Stanford Research Institute in niet mis te verstane bewoordingen voor de klimaatrisico's van langdurige CO2-uitstoot.

Smeltend ijs
In een rapport aan de American Petroleum Institute (API), de koepel van de Amerikaanse olie-industrie, voorspellen de wetenschappers dat de concentratie CO2 in de atmosfeer kan stijgen tot 400 ppm in het jaar 2000 – een drempel die inmiddels al overschreden is – en dat zo'n stijging een brede waaier van schadelijke gevolgen kan hebben voor de planeet.

Het rapport, bijna een halve eeuw geleden geschreven, vermeldt dat "de mens nu betrokken is in een enorm geofysisch experiment met zijn milieu, de aarde". Het leest verder als een voorspelling van de gevolgen die de klimaatverandering nu met zich meebrengt. "Tegen het jaar 2000 zullen er vrijwel zeker significante temperatuurveranderingen zijn (...) Als de temperatuur significant blijft stijgen kunnen een aantal gebeurtenissen verwacht worden, zoals het smelten van de ijskappen, een stijgende zeespiegel, warmer zeewater en een toegenomen fotosynthese."

"We kunnen niet met zekerheid voorspellen wat de langetermijn-vervuiling doet met ons milieu, maar het lijdt geen twijfel dat de potentiële schade aan ons milieu ernstig kan zijn", besluiten de wetenschappers.

Bewijslast
Het Stanford-rapport is een van de honderden documenten die door het Center for International Environmental Law (CIEL), een gespecialiseerd advocatenkantoor, zijn gepubliceerd.

"We begonnen ons onderzoek met drie simpele vragen: Wat wisten ze? Wanneer wisten ze het? En wat deden ze eraan?", zegt Carroll Muffett, voorzitter van CIEL. "Wat we ontdekten, is dat ze al heel wat wisten, en ze wisten het veel eerder en met meer zekerheid dan we beseften of ze zelf toegaven."

Naarmate de publieke opinie zich meer zorgen begon te maken over luchtvervuiling, plande de industrie een omvangrijke en goed gecoördineerde onderzoekscampagne naar de impact van luchtvervuiling, besluit CIEL. Ten laatste midden de jaren vijftig werd de klimaatverandering één van de belangrijke onderzoeksdomeinen. Via het zogenaamde Smoke and Fumes Committee werd er niet alleen geld gepompt in eigen onderzoek, maar zou ook het scepticisme onder de bevolking aangewakkerd zijn en werden milieuwetten als overhaast, duur of onnodig weggezet.

"Deze documenten dragen bij aan een groeiende bewijslast dat de olie-industrie zich actief heeft ingezet om het vertrouwen van de bevolking in de klimaatwetenschap te ondermijnen en de noodzaak aan klimaatactie in twijfel te trekken, ook al groeide de eigen kennis", zegt Muffett. "De bewijzen zijn maar het topje van de ijsberg en vragen om verder onderzoek. Oliebedrijven hadden al vroeg de gelegenheid om de klimaatwetenschap te erkennen en consumenten in staat te stellen om geïnformeerde keuzes te maken. Maar ze kozen een andere aanpak. De bevolking heeft het recht te weten waarom."