One World - “We voelen in Nederland helemaal geen urgentie”

Interview op de klimaattop met VN Jongerenvertegenwoordigers Emma en Martijn

Klimaatminister Wiebes is niet de enige newby in Bonn. De klimaattop is ook de vuurdoop voor Emma Clemens, sinds drie weken de nieuwe Nederlandse VN Jongerenvertegenwoordiger. OneWorld spreekt haar en collega Martijn Visser, die de titel nu een jaar draagt, op de top in Bonn. 

https://www.oneworld.nl/duurzaamheid/we-voelen-nederland-geen-urgentie/  

Jullie lopen nu twee weken rond hier op de klimaattop.  Wat hebben jullie gedaan?

Emma: “Voor de klimaattop begon, hadden we de Conference of Youth. Daar komen 1300 jongeren bij elkaar om te praten over de klimaattop en elkaar voor te bereiden. Want sommigen zijn al eerder geweest, anderen niet. En we hadden het over wat we in ons land wilden bereiken en hoe we elkaar kunnen helpen.”

“Sinds het begin van de klimaattop werken we vooral aan ACE, Action for Climate Empowerment (educatie over klimaatverandering, onderderdeel van wat er in Parijs is afgesproken). We zijn bij de onderhandelingen daarover geweest. En daartussendoor hebben we veel mensen ontmoet en gevlogd.”

Martijn: “We vormen een brug tussen de ingewikkelde processen hier en de jongeren in Nederland. Daarom maken we die vlogs. En we proberen zoveel mogelijk te leren om dat mee de klas in te nemen.”

Een VN-jongerenvertegenwoordiger heeft twee jaar lang de taak om ideeën van Nederlandse jongeren te verzamelen  en bij de VN onder de aandacht te brengen. De komende twee jaar zijn dat Emma Clemens (Duurzame Ontwikkeling) en Jahkini Bisselink (Algemene Vergadering VN). Het eerste jaar doen ze dat samen met degene die een jaar eerder is begonnen: Martijn Visser en Elian Yahye.

Emma, hoe is het voor jou om hier te zijn, zo kort na je begin als jongerenvertegenwoordiger?

Emma: “Overweldigend. Het is superingewikkeld als je hier binnen komt wandelen. Je hebt de SBI, de SBSTA, de Doha Work Programme, de Paris Guidelines en weet ik wat allemaal. Zoveel vaktermen, er wordt hier echt een andere taal gesproken. Die taal leren en er zelf mee kunnen werken vergt wel twee weken.”

“Onwerkelijk is het ook, vooral om je eigen impact te zien. Er lopen hier zoveel mensen rond, met verschillende doelen, hoe zorg je er dan voor dat jouw doelen verwezenlijkt worden?  Je moet niet  verwachten dat je meteen iets kunt veranderen. Er is een systeem en daar moet je je toch wel redelijk naar voegen wil je impact kunnen hebben. Wij zijn nu heel specifiek op onderwijs gedoken, via Action for Climate Empowerment. Om daar iets voor jongeren voor elkaar te krijgen. En dat is ook gelukt.”

Martijn: “Er is hier besloten dat er in mei tijdens de tussenonderhandelingen een bijeenkomst van een dag komt, waarbij landen kijken hoe ze nou echt verder kunnen komen met bewustzijn creëren over klimaatverandering. Die dag is voor diplomaten, maar wij hebben voor elkaar gekregen dat er ook jongeren kunnen meepraten. In Nederland is het bewustzijn over klimaatverandering best wel laag, dus het is goed dat daar aandacht voor komt.

Jullie hebben gisteren de Jonge Klimaatagenda aan Wiebes overhandigd. Wat is jullie indruk van hem?

Emma: “Gemotiveerd. Hij vraagt heel erg door. Hij beseft wel wat voor taak er nog voor hem ligt met het klimaat, dat veel mensen moeten worden overtuigd.” Martijn: “We hebben hem ook gevraagd wat wij als jongeren kunnen doen om hem te helpen. Ga vooral het gesprek aan met mensen die het niet met je ideeën eens zijn: jonge boeren, bijvoorbeeld, mensen in de bouw die misschien denken, leuk jullie plannen, maar hoe zit dat met mijn sector?”

Wat staat er zoal in jullie Jonge Klimaatagenda?

Emma: “Het is echt een visiedocument, met ideeën voor best wel drastische veranderingen. Kleiner wonen en modulair bouwen, eenn dusdanig goed OV-systeem dat niemand meer een eigen auto wil, meer aandacht voor klimaat in het onderwijs, meer plantaardig eten en geen voedsel meer weggooien.”

Wat heeft jullie hier in Bonn positief en negatief verrast?

Emma: “Wat me positief heeft verrast, is de drang die onder jongeren leeft om er iets aan te doen. Dat er zoveel jongeren wereldwijd bezig zijn om een groenere wereld te bewerkstelligen. Er lopen hier zo’n duizend jongeren rond, die hebben thuis ook weer hun netwerk. Wat mij negatief verrast, is de traagheid van het proces. Een jaar is voor diplomaten echt een week. ‘We zien elkaar wel weer bij de volgende klimaattop.’ Maar die tijd hebben we niet.”

Martijn: “Wat mij positief verrast is Amerika. Niet alleen omdat ze bij de onderhandelingen niet dwarsliggen, maar omdat er buiten een US Climate Action Zone is waar staten zich keihard tegenover Trump opstellen. Zo van: ‘Hij zoekt het maar uit, wij gaan gewoon door’. Negatief is wel een beetje in lijn met wat Emma zegt. De onderhandelingen staan heel ver af van de werkelijkheid. Er wordt in een kamertje gesproken over woordjes, zinnetjes, komma’s, maar niemand snapt meer waar we het voor doen. Dat vind ik een probleem.”

Kan dat ook anders, denk je?

Martijn: Ik denk het wel. Maar je ziet hier dat de landen die het progressiefst zijn, de gevolgen van klimaatverandering al ervaren. In Nederland hebben we het eigenlijk hartstikke goed voor elkaar en is duurzaamheid meer een soort hip gebeuren. We voelen helemaal geen urgentie. Als die er is, gaat het ineens veel snellen. Ik hoop niet dat die urgentie pas komt als wij zelf een storm over ons heen krijgen.

En straks? Waar willen jullie na deze klimaattop aan gaan werken?

Emma: Mijn ideaalbeeld is dat klimaatverandering overal in het onderwijssysteem een plek krijgt. Zodat jongeren niet alleen één hoofdstukje bij aardrijkskunde meekrijgen, maar ook tijdens economie leren over duurzaamheid en circulaire economie. En dat bij scheikunde het scheikundige kant van het klimaatprobleem onder de aandacht wordt gebracht.

Martijn: Ik heb het afgelopen jaar zelf veel lessen gegeven. Voor mijn tijd is een verdrag getekend door de Tweede Kamer en jongerenorganisaties waarbij werd gezegd dat er meer duurzaamheid in het onderwijs moest komen. Maar dat is een beetje gestrand in bureaucratische molen. Om dat weer nieuw leven in te blazen zijn we met de Klimaatgezant naar het ministerie van Onderwijs geweest om te proberen duurzaamheid in het onderwijscurriculum te krijgen. En we willen een platform ontwikkelen waar leraren lesaanbod kunnen vinden.