Trouw - Een wereldprimeur in Den Helder: het duurzame biervat

Dat plastic biervaten voordelen hebben ten opzichte van stalen fusten, wisten ze in Den Helder al. Nu is het ook gelukt om van gebruikte kunststof fusten nieuwe te maken. Een wereldprimeur.

https://www.trouw.nl/groen/een-wereldprimeur-in-den-helder-het-duurzame-biervat~ad80eb4e/

Dat plastic biervaten voordelen hebben ten opzichte van stalen fusten, wisten ze in Den Helder al. Nu is het ook gelukt om van gebruikte kunststof fusten nieuwe te maken. Een wereldprimeur.

Elk café en elke studentenvereniging kan erover meepraten: het sjouwen van volle fusten bier is een hele klus. Vooral omdat die fusten zo zwaar zijn, al gauw een kilo of veertig. Zou daar niet iets aan te doen zijn, vroeg de Noord-Hollandse ondernemersfamilie Veenendaal zich jaren geleden aan de koffietafel af. Vader Jan Veenendaal, die eerder actief was in het verhuren en leasen van auto’s, besloot zich te gaan toeleggen op het produceren van lichtgewicht kunststofvaten (‘fust’ is gewoon een ander woord voor ‘vat’) voor eenmalig gebruik. In 2006 kwam het vat onder de naam KeyKeg op de markt, inmiddels worden de in Den Helder bedachte vaten in 180 landen gebruikt. ‘Keg’ is het Engelse woord voor fust.

Dochter Anita Veenendaal, commercieel directeur in het familiebedrijf, somt de voordelen op: minder zwaar tillen, natuurlijk. Maar door het lagere gewicht kunnen er ook meer bierfusten tegelijk vervoerd worden, wat scheelt in brandstofkosten en uitstoot van uitlaatgassen van biervrachtwagens. Voor de kunststof vaten hoeft geen staal geproduceerd te worden, en omdat ze bedoeld zijn voor eenmalig gebruik is er geen retourstroom van vaten. Ook hoeven ze, in tegenstelling tot ingeleverde stalen fusten, niet chemisch gereinigd te worden. En dan blijven bier en wijn er ook nog eens langer houdbaar in. “In lichtgewicht eenmalige fusten zijn wij wereldwijd marktleider”, zegt Veenendaal niet zonder trots.

Toch bleef er iets knagen. Want wat gebeurt er met de leeggetapte vaten? Die gaan bij het afval, waarna het plastic gerecycled kan worden. Maar dat is een tamelijk lastig proces en in lang niet ieder land gebeurt het. “Wij willen dat ons product een zo klein mogelijke impact op het milieu heeft”, zegt Veenendaal. Dus was de vraag: kunnen lege fusten niet worden ingezameld en daarna dienen als grondstof voor nieuwe vaten?

Het eerste circulaire biervat

Dat is in theorie eenvoudiger dan in de praktijk, bekent Bert Hanssen, hoofdtechnicus en ‘uitvinder’ in het -bedrijf. “Technisch is het te realiseren, omdat onze vaten bestaan uit meerdere soorten kunststof, monomaterialen die je weer van elkaar kunt scheiden. Het grootste probleem is de logistiek: hoe krijgen wij onze lege fusten terug?” Zelf gaan inzamelen leek duur en onhandig, dus zijn er nu afspraken gemaakt met de distributeurs: waar die volle fusten afleveren, nemen ze lege weer mee. Die worden verzameld, vervolgens samengeperst en daarna zijn ze de basis voor nieuwe vaten. Inmiddels is het gelukt om van oude KeyKegs nieuwe te maken, waarmee het eerste circulaire biervat een feit is. “Een wereldprimeur”, zeggen Hanssen en Veenendaal in koor. Maandag presenteren ze hun vinding op een vakbeurs in Duitsland. Op een sokkel, omdat ze er trots op zijn.

Kleine kanttekening: het nieuwe vat bestaat niet volledig uit plastic van het oude. Technicus Hanssen weet het precies: “Van een fust kunnen we 81 procent hergebruiken.” En kan dat eindeloos? “Mwah”, zegt hij, met een blik die gedachten aan technische obstakels verraadt. Maar Anita Veenendaal valt hem in de rede: “Ja, dat kan. Daar ben ik van overtuigd. Het is ons doel om uiteindelijk naar 100 procent hergebruik te gaan.” Van een oud vat zijn vooral de binnenzak en de afsluitdop niet rechtstreeks herbruikbaar in een nieuw vat. Die onderdelen worden onder meer gerecycled tot folies.

Jaar op jaar groeit de productie van lichtgewicht vaten. De KeyKeg wordt nu op drie plaatsen gemaakt, in Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. Aan een vierde fabriek, in Groot-Brittannië, wordt gebouwd. En nee, zegt Hanssen, naast die nieuwe fabriek komt dus géén recyclelijn voor lege fusten. “Een leeg fust staat bij de eindgebruiker, dus bijvoorbeeld ergens bij een café. Het recyclen moet ook daar in de buurt gebeuren, anders krijgen je weer een heel transport met alle bijbehorende CO2-uitstoot.” Door lege vaten mee te laten liften met bestaande retourtransporten van drankendistributeurs blijft de uitstoot per vat beperkt.

Het inzamelen en hergebruiken van plastic vaten zal steeds lonender worden naarmate er meer in omloop zijn, schat Anita Veenendaal. Want al is de KeyKeg marktleider, het stalen fust heeft nog altijd 99 procent van de markt. “Vooral de bierwereld is heel conventioneel”, zegt Bert Hanssen. “Men hecht aan traditie, waar een stalen vat bij hoort, ook al is er een duurzamer alternatief.” Toch zijn al honderden bierbrouwers over op het plastic vat, net als een kleine tweehonderd wijnproducenten.

Maar het is de eindgebruiker die de spil is – het is de kroegbaas die zo duurzaam moet denken, dat hij de vaten niet weggooit, maar ze apart houdt tot ze weer opgehaald worden. Zeker, knikt Anita Veenendaal, zo’n leeg fust neemt ruimte in. Om te voorkomen dat het vat om die reden wordt weggegooid, is er iets heel huiselijks bedacht: een leeg fust is om te vormen tot een barkruk. Daarvoor worden in Den Helder zitkussentjes gemaakt, die precies passen op het fust. Veenendaal, lachend: “Wij denken graag met onze gebruikers mee.”