Trouw - Harriët Tiemens, #5 in de Duurzame 100: wethouder die samenwerkt met de inwoners

INTERVIEW

Volgend jaar is Nijmegen de Groene Hoofdstad van Europa. Zo’n prijs heeft een geweldige uitstraling merkt wethouder Harriët Tiemens (50), de hoogste nieuwkomer in de lijst. Zeven tips van deze GroenLinks-bestuurder voor een duurzame stad.

https://www.trouw.nl/groen/harriet-tiemens-5-in-de-duurzame-100-wethouder-die-samenwerkt-met-de-inwoners~ae07f07c/   

1. Ding mee naar een prijs

“Mensen vinden fietsen hier zo normaal. Maar toen we dit jaar Velo-city organiseerden, een groot internationaal fietscongres, gingen inwoners door alle aandacht opeens anders naar hun stad kijken. De buitenlandse gasten bléven maar fotograferen; fietsende kinderen, mensen naar hun werk, snelfietspaden. Inwoners werden hierdoor trotser op wat wij hebben. Zo’n prestatie nodigt mensen ook uit: doe mee, geniet, fiets!

“De race voor Green Capital heeft nog meer effect. Twee keer grepen we keer naast de titel. Toen hebben we expliciet gevraagd aan de stad of we ons voor de derde keer kandidaat zouden stellen. Het is veel werk en de organisatie kost al gauw 50.000 euro. Natuurlijk waren er mensen, ook in de gemeenteraad, die zeiden: doe maar niet. Maar de universiteit, het ziekenhuis, de vierdaagsefeesten, ze zeiden allemaal spontaan: ‘ja, we móeten gaan’. Want om te winnen, moet je resultaten laten zien. Dat werkt heel inspirerend.”

2. Geef het goede voorbeeld

“Je moet het wel kunnen waarmaken. Dat begint bij jezelf. Wat je vraagt van een stad moet je ook zelf doen. In dit stadhuis, een oud gebouw, hebben we voorzetramen geplaatst en zonnepanelen. Het dak is compleet groen geworden, met bijenkasten. Onze autootjes, bussen en vuilniswagens rijden op groen gas.

“Voor het verduurzamen van ons eigen vastgoed trekken we jaarlijks twee miljoen euro uit. Het parkeerterrein bij het station in Noord is van hergebruikt beton; we zijn hier dol op de circulaire economie.

“Als mens probeer ik ook het goede voorbeeld te geven. Ik doe in de stad vrijwel alles lopend of met de fiets en we hebben zonnepanelen op ons dak. Met duurzame kleding lukt het niet altijd, maar ik heb vandaag wel laarzen aan die duurzaam zijn gemaakt. In die zin ben ik een echte GroenLinks-wethouder.”

3. Zorg dat duurzaamheid een zaak is van het hele college

“De duurzaamheidsgedachte zit niet alleen bij de wethouder duurzaamheid, maar ook bij de wethouder sociaal en bij de stedelijke ontwikkeling. Je kunt je stad zo inrichten dat je het niet in je hoofd haalt om op een mooie dag de auto te pakken maar juist te gaan wandelen of te fietsen. Met zo’n project gaan we dwars door alle portefeuilles heen. Ook de burgemeester moet ervoor gaan en prominent aanwezig zijn. Zeker in Europa, daar begin je niets zonder burgemeester. Hubert Bruls, onze burgemeester speelt die rol met verve.”

4. Werk samen

“En dan het allerbelangrijkste; doe het samen met je stad. Anders krijg je niks voor elkaar. Een mooi voorbeeld zijn de windmolens aan de A15 waar iedereen tegen was. Er is toen een windcoöperatie opgericht, daar heb ik zelf ook een aandeel van. Die vroeg aan de mensen: waar heeft u last van, hoe kunnen we het ontwerp passend maken? Nu is het park echt van de stad, er is iets gemaakt wat iedereen voordelen geeft. De opening was een groot feest, dat is ook belangrijk.

“Als middelgrote stad moet je ook slimme allianties smeden. De jury van de Green Capital Award gaf ons de prijs omdat wij juist daar goed in zijn. Wij verbonden een energiereus als Engie met het windmolenpark en dat werkt voor beide partijen verrassend goed.

“Ook in de regio lukt het om uiteenlopende belangen bij elkaar te brengen en innovatieve oplossingen te creëren. Zo hebben we besloten met zestien gemeenten samen elektriciteit in te kopen. Onze zwembaden, sporthallen, straatverlichting en gemeentehuizen draaien straks op stroom die door energiecorporaties in de regio wordt opgewekt. Dat is duurzaam en zorgt ook nog eens voor investeringen in de regio. We kopen energie van onze eigen inwoners. Dat is echt bijzonder.”

5. Omarm goede initiatieven

“We omarmen hier alle initiatieven die ook maar een beetje positief zijn. We stimuleren innovatie en kijken of we die groots kunnen uitrollen. We dragen bijvoorbeeld bij aan NEC, een groep grote bedrijven en instellingen die in de afgelopen jaren maar liefst 905.000 ton CO2 bespaarden. Dat is het jaarlijkse gas- en elektraverbruik van zo’n 181.000 woningen. Maar ik omarm ook kleine dingen. Mensen die een perkje groen willen maken bijvoorbeeld.

“Heel blij ben ik met de Green Capital Challenges. Elke maand zet deze groep mensen een herkenbaar thema neer. Leven zonder afval, stadsvogels tellen, elektrische auto’s proberen, er komt van alles. Die themamaanden zijn een mooi vehikel, het is een soort zwaan-kleef-aan, echt heel goed bedacht.

“We hebben al duurzaamheidscafés. Sinds we meedingen voor de titel Green Capital zijn de zalen altijd uitverkocht, er komen nu wel 200 mensen. Het zijn leuke avonden, ik ga er vaak heen. Betrokkenheid is een toverwoord.”

6. Beloon goed gedrag

“De groene vibe komt niet uit het stadhuis, die is er als mensen samen wat doen. In wijken waar weinig mensen fietsen kunnen zij kilometers sparen. Van de opbrengst is met Kerst een diner georganiseerd voor de allerarmste klanten van de voedselbank. Zo worden mensen die dat niet gewend zijn, gestimuleerd om te fietsen. Er komt ook een grote actie om tegeltuintjes te vergroenen. Tegel eruit, plantje erin, heel simpel. Als de hele straat dat doet, ziet de straat er anders uit. Dat plantje betalen wij, want als bewoners dat zelf moeten kopen doen ze het minder snel. Via sociale structuren proberen we ingangen te zoeken bij mensen en buurten voor de groene gedachte. Belonen is daarbij belangrijk.”

7. Blijf duwen

“Als wethouder moet je samenwerken, maar je moet soms ook de richting en de einddoelen durven bepalen. Om resultaat te boeken, moet je blijven duwen. Je zet een punt, en dan is het: het moet, het zal, en het gaat dus gewoon gebeuren.”