Trouw - Olie uit planten in je tank, is dat wel oké?

Gewassen telen om er ‘groene’ brandstof van te maken voor voertuigen is omstreden. Het kan natuur verwoesten, door ontbossing en uitdroging. Europa blijft tóch geloven dat het verantwoord kan. Hoe dan?

Een maag kan er even op teren, de tank van een voertuig net zo goed. Koolzaad, suikerriet, graan, mais, palmolie, soja. Allemaal natuurlijke stoffen met een dosis energie erin. Pers die oliën eruit en ziedaar: de basis voor een brandstof. Ook op oud frituurvet of afval kunnen auto’s, schepen of vliegtuigen kilometers maken. Verzamelnaam: biobrandstoffen.

https://www.trouw.nl/groen/olie-uit-planten-in-je-tank-is-dat-wel-oke-~a5193af2/

Europa zet er al ruim vijftien jaar stevig op in. Door de alternatieve brandstof te mengen door fossiele brandstoffen – diesel en benzine – daalt de vervuiling. Althans, dat was het idee. De kritiek op die aanpak zwelt aan. Grootschalig eentonige voedselgewassen verbouwen om brandstof uit te persen, zeggen 174 wetenschappers vandaag in Trouw, schaadt de natuur. En daarmee de hele biodiversiteit.

Deze ‘ernstige zorgen’ komen nog eens bovenop oudere kritiek, dat je gewassen eigenlijk niet moet telen voor energie, maar om monden te voeden. Als klap op de vuurpijl zegt onderzoeker Michiel Köhne van de Wageningen Universiteit, namens de 174 academici: het klimaat lijdt zwaar onder de biobrandstoffen. Met de kap van bomen en planten komt broeikasgas (CO2) vrij; bij uitputting van landbouwgrond, door intensieve teelt, nog eens extra. De milieuoplossing staat zelf steeds meer als een probleemgeval op de kaart.

“Vooral palmolie is zeer schadelijk”, zegt campagneleider Rolf Schippers van Milieudefensie. “De tropische plantages voor olie uit die bomen leiden tot de kap van tropisch regenwoud.” De palmbomen gedijen goed in droge grond. Het gevolg op plantages, stelde Schippers tijdens eigen onderzoek in Indonesië vast, is uitputting van de grond. En inklinking, waarbij broeikasgassen de bodem verlaten. “Het paard achter de wagen spanen.” Biobrandstof maken uit soja zou ook al zo’n zware wissel trekken op milieu en klimaat. Milieudefensie zegt net als de 174 wetenschappers: stop met alle biobrandstoffen uit voedselgewas. Want als je alleen met de meest omstreden soorten stopt, knalt aanvullende andere teelt omhoog.

Ban 

Maar ho, zegt Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks), verwacht niet dat Europa al die voedselgewassen zomaar in de ban gaat doen. Het beleid voor schoner vervoer leunt flink op het bijmengen van olie. In 2020 moet minimaal 10 procent van de brandstoffen ‘bio’ zijn, daarvan mag 7 procent uit ‘eetbare planten’ komen. Eickhout leidt in de milieucommissie van het Europarlement de besprekingen over de biobrandstoffen. In Brussel wordt besloten: wat te doen met biobrandstof tot 2030? “Dat gaat een flinke strijd worden”, zegt Eickhout. Er rolt vast een compromis uit, zegt hij, om op termijn te stoppen met soja en palmolie.

Maar hoeveel andere voedselgewassen er nog in de tanks mogen verdwijnen, dat is de vraag. De milieucommissie zegt: niets meer, in 2030. Maar de Europese commissie zet in op circa 4 procent. De Europese raad, waar alle ministers in praten, wil de huidige afspraak van 7 procent overeind houden. Frankrijk en Oost-Europese landen kweken ook gewassen. Er zijn dus grote belangen binnen Europa zelf, de lobby vanuit de landbouw is groot, zegt Eickhout. Ook de auto-industrie is tevreden, als mensen met een beetje bijmenging benzine en diesel blijven tanken. Eickhout ziet de bui hangen: ­Europa gaat nog jaren door met bio­brand­stoffen uit eetbare gewassen. “Het is daarom zaak te zorgen dat het duurzamer wordt. Meer gebruik van reststromen, afval.” Een ‘tweede generatie’ biobrandstoffen, heet die ‘groene’ belofte.

Dat is precies waar hoogleraar duurzame ontwikkeling John Grin, verbonden aan de UvA, zich op gaat storten het komende jaar. Hij is begonnen als onafhankelijk voorzitter van het platform Duurzame Biobrandstof. Waar Köhne cum suis elk vertrouwen in een positief milieueffect van biobrandstof verloren zijn, denkt Grin nog steeds verantwoorde opties te kunnen vinden. “Palmolie sluiten wij als platform direct uit”, benadrukt Grin. 

“Maar we gaan iedere nieuwe kans in kaart brengen”, zegt hij. Denk aan: biobrandstof uit zeewier, uit overgebleven graanrestjes. Het criterium is daarbij elke keer: de planten of natuurlijke stoffen moeten CO2-uitstoot aantoonbaar minimaliseren. Land en ecosystemen mogen er nooit onder leiden. De hoop op echte ‘groene’ opties sluit aan bij een oproep van wetenschappers van de Universiteit Utrecht vorige week, onder aanvoering van hoogleraar klimaat Detlef van Vuren: schrijf niet alle biobrandstof meteen af want je hebt het in alle soorten en maten.

Interessant project

Zelfs van gekapte bomen, in Scandinavische landen, denkt Grin dat mogelijk duurzame biobrandstof te winnen is. “In Zweden loopt een interessant project waarbij de grond vier keer zo vol beplant wordt als bij een normaal bos.” Je kunt dan, denkt Grin, een deel van de bomen oogsten voor energie zonder dat er een schadelijke kaalslag plaatsvindt.” Ja, zegt de hoogleraar, die opties moeten zich nog bewijzen. En grote ­volumes van zeewier, graanrestjes of compacte bosbouw is er niet zomaar. Grin: “Het is ook een misverstand dat de transportsector met biobrandstoffen maar kan blijven doorgroeien.” Terwijl de zoektocht naar duurzame gewassen voor in de brandstoftank loopt, moeten mensen volgens Grin ook ­minder gaan rijden en vliegen.

Het zou beter zijn als personen­auto’s omschakelen van benzine en diesel met bijmenging, naar elektriciteit. Daar zijn politicus Eickhout, hoogleraar Grin en milieubeschermer Schippers het direct over eens. Die omschakeling krijgt steeds meer vorm, maar is niet zomaar voor elkaar. Voorstellen om elektrisch vervoer snel af te dwingen komen er niet zomaar doorheen. Bovendien, zegt Grin, lost elektrisch vervoer ook niet alles op. “Als iedereen in elektrische wagens rijdt, moet je wel zorgen dat alle stroom daarvoor duurzaam is. Anders leunen we nog steeds op fossiele brandstof.” Aan elektrische schepen, zwaar vrachtverkeer en vliegtuigen wordt wel gewerkt. Maar het is een illusie, zeggen de experts, om erop te rekenen dat deze sectoren in de nabije toekomst kunnen omschakelen.

“Het is nog steeds zinvol om te blijven werken aan duurzame vormen van biobrandstof”, zegt onderzoeker Daan Peters van het duurzame advieskantoor Ecofys. “Zeker zolang vracht- en vliegverkeer nog massaal fossiele energie gebruiken.” Het moet de natuur niet schaden, zegt Peters, en voedselproductie ook niet in de weg zitten. De onderzoeker is enthousiast over een nieuwe optie die hij heeft onderzocht in Noord-Italië. Een groep boeren is daar bezig met een proef. In de winter, als het land normaal braak ligt, telen ze daar een tweede gewas. “Een neefje van koolzaad”, aldus Peters. Die extra teelt leidt niet tot uitputting, volgens Ecofys, omdat de boeren nauwelijks in hun land spitten, bij het planten van de zaden. “Ze gebruiken ultralichte machines. Voor het wintergewas spitten ze slechts met kleine messen.”

Wintergewas

De resultaten zien er goed uit, zegt Peters. “De productie is additioneel, een extra bron voor biobrandstof om fossiele energie te vervangen.” De winterteelt levert geen mooie, volgroeide plantjes op. Maar dat maakt niets uit, zegt Peters, als je ze toch niet opeet maar in een tank wil stoppen. In Brussel zijn ze ook te spreken over een wintergewas voor biobrandstof. In de discussie over de limiet aan voedselgewassen die in de tank verdwijnen, tellen de beleidsmakers het nieuwe soort wintergewas nog niet mee. Omdat het in de experimenteerfase zit, denkt Peters, maar vooral omdat het oogst betreft waar niemand last van heeft.