Trouw - WNF: bescherm Nederland met extra natuur tegen klimaatverandering

Natuurherstel kan in één klap twee problemen aanpakken, zegt WNF. Het redt zeedieren én beschermt tegen klimaatverandering.

Verhoog de dijken niet verder. Geef de Noordzee juist speelruimte, via open verbindingen met inlandse wateren. Blijf geen stenen storten om het land te versterken, maar breidt natuur in de kuststrook uit. Met dit pleidooi komt het Wereld Natuur Fonds (WNF) morgen, bij de publicatie van een omvangrijk rapport over de ontwikkeling van kustnatuur en (zee)diersoorten.

https://www.trouw.nl/groen/wnf-bescherm-nederland-met-extra-natuur-tegen-klimaatverandering-~a9c3a5cd/   

Het WNF, dat de studie opstelde met tal van milieu- en kennisinstellingen, benoemt om te beginnen twee prangende problemen. Klimaatverandering vormt in toenemende mate een bedreiging voor Nederland. Het water stijgt, druk op de kuststrook neemt toe. Tegelijkertijd staat de stand van veel vissen, vogels en bodemdieren onder druk, sinds de oorspronkelijke deltanatuur verdween door potdichte dijken en inpoldering.

Versterking

Natuurherstel kan het gecombineerde antwoord op beide problemen zijn, aldus het WNF in het zogeheten Living Planet Report. “Door natuur en water de ruimte te geven ontstaat een groene kustverdediging als alternatief voor hogere dijken, dammen en meer stortsteen.” Schelpenbanken en duinstroken bieden versterking en herstellen ecosystemen.

Waar ruimte ontstaat voor kleine soorten, is het idee, melden zich ook weer hongerige vogels en vissen. Zo kan de stand van vogels, vissen en schepdieren, die nu grotendeels in de verdrukking zitten, opkrabbelen door natuurherstel. “Omarm de natuur als bondgenoot tegen de gevolgen van klimaatverandering”, zegt WNF-­directeur Kirsten Schuijt. De eerste praktijkervaring met natuurherstel in Nederland is veelbelovend, aldus de rapportschrijvers.

Leefgebied

De WNF-studie schetst een zorgwekkend beeld over de ontwikkeling van dieren in en rond de zee. Wadplaten dreigen te verdrinken in zee, waardoor populaties leefgebied verliezen. Deze trend vormt een direct risico voor de overlevingskansen van de tureluur, kanoet, scholekster en de zilverplevier. De vogels dreigen belangrijke foerageer- en broedeilanden voorgoed te verliezen.

De kustnatuur kwam verder onder hoge druk te staan, door dalende waterkwaliteit. Het aantal verschillende soorten zeedieren daalde gemiddeld met 30 procent, in de periode 1990-2015. De hoeveelheid zeevogels en -vissen daalde in die periode nauwelijks, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), dat meerekende voor het WNF. Een hogere watertemperatuur, door klimaatverandering, zorgt er wel voor dat opgroeiende vissen het eerder voor gezien houden in de Waddenzee.

Vooral bodemdieren hebben het zwaar te verduren gehad, aldus het CBS. Daarbij gaat het om schelpdieren, kreeftachtigen en zee-egels. De hoeveelheid van deze diertjes die in of op de zeebodem leven daalde in de onderzochte periode zeker met 40 procent, zegt CBS-onderzoeker Cor Pierik.

Het aantal bodemdieren kelderde vooral door zogenoemde boomkorvisserij, waarbij netten over de bodem slepen. Minder schadelijke vistechnieken zijn in opkomst. “Maar de bodemfauna vertoont nog geen enkel herstel”, zegt Pierik.

Bodemdieren

De Waddenzee is uitzondering op de regel. Daar doen bodemdieren het juist goed. Het CBS ziet een direct verband met de afschaffing van mechanische kokkelvisserij in dat gebied, in 2005.

De terugkeer van bodembeestjes biedt daarom hoop op een algemeen herstel, nu boomkorvisserij uit de gratie lijkt te raken. Ook in de Westerschelde gedijen bodemdieren goed, daar wegens betere waterkwaliteit. Nog meer goed nieuws is er over het oplopende aantal bruinvissen en (gewone) zeehonden in de Nederlandse Noordzee.